Een scheidingswand slopen, een dak vervangen, nieuwe isolatie aanbrengen… In een oud gebouw kunnen er bij verschillende soorten werken asbest vrijkomen. En dat kan je als Brusselse eigenaar natuurlijk zorgen baren! Om de aanwezigheid van asbest beter op te volgen, werkt Brussel aan een digitaal platform. Maar de nodige voorzorgsmaatregelen, die neem je vandaag al!

Volgens ramingen uit 2017, die staatssecretaris Ans Persoons opnieuw aanhaalde en waarover BRUZZ op 19 oktober berichtte, zou 80 tot 90 % van de Brusselse gebouwen asbest kunnen bevatten! Dat cijfer heeft zowel betrekking op private woningen als op openbare gebouwen.
Waar zit asbest verstopt?
Even opfrissen: asbest is een verzamelnaam voor minerale vezels die vroeger erg gewaardeerd werden om hun sterkte en onder meer hun hittebestendigheid. Ze werden dan ook in tal van bouwmaterialen verwerkt. In een gebouw van vóór 1998 kan je bijvoorbeeld asbest aantreffen in bepaalde leien, golfplaten, tussenwanden, vloertegels of lijmen. Maar ook rond verwarmingsbuizen en zelfs in pakkingen van verwarmingsketels.
Opgelet: aan het uitzicht van een materiaal kan je meestal niet zien of het asbest bevat! Twee platen die sterk op elkaar lijken, kunnen een verschillende samenstelling hebben. Soms is een laboratoriumanalyse nodig…
Moet alles eruit?
Nee! Of toch niet automatisch. Het gevaar schuilt vooral in vezels die in de lucht terechtkomen en vervolgens worden ingeademd. Die kunnen ernstige ziektes veroorzaken, waaronder kanker. Asbesthoudend materiaal boren, schuren, breken of zagen kan die vezels net verspreiden.
Intact materiaal waarin de vezels stevig vastzitten, kan gerust blijven zitten, zolang de toestand wordt opgevolgd! Het zonder voorzorgsmaatregelen verwijderen kan immers meer risico’s opleveren dan het te laten zitten!
Bij niet-hechtgebonden asbest is extra waakzaamheid nodig: de vezels komen gemakkelijker los. Je kan het bijvoorbeeld aantreffen in sommige oude isolatiematerialen rond leidingen. Kortom: het is cruciaal om te weten waarmee je te maken hebt en wat de juiste aanpak is…
Wat verandert er in 2027?
Brussel plant een digitaal platform om asbest-inventarissen te registreren en te centraliseren. Die documenten geven aan waar de betrokken materialen zich bevinden. Het doel is om gebouwen beter op te volgen en actuele cijfers te verzamelen.
De ingebruikname is gepland voor 2027. Ook een herziening van de regelgeving is in de maak, met een eerste ontwerp dat begin volgend jaar wordt verwacht. Dat betekent dus niet dat je als eigenaar van een woning met asbest dat zo snel mogelijk moet laten verwijderen!
Vóór de werken: vier aandachtspunten
1. Laat de betrokken materialen opsporen. Leefmilieu Brussel verduidelijkt dat een asbest-inventaris vandaag al verplicht is vóór renovatie- of sloopwerken. Zo worden de materialen geïdentificeerd die tijdens de werken beschadigd zouden kunnen raken.
2. Laat staalnames over aan een deskundige. Breek niet zelf een stukje af “om het te controleren”. Een vakman kan het onderzoek en de analyses organiseren en daarbij de verspreiding van vezels beperken.
3. Plan indien nodig de verwijdering vóór de werken. Asbesthoudende materialen die tijdens de werken beschadigd dreigen te raken, moeten vooraf volgens de regels van de kunst worden verwijderd. Afhankelijk van de ingreep kan een melding of milieuvergunning nodig zijn!
4. Hou rekening met het budget. Vraag een offerte waarin het onderzoek, de analyses en, indien nodig, de asbestverwijdering en de afvoer van het afval duidelijk zijn opgenomen. Je rekent die kosten beter mee vóór je je renovatiebudget opmaakt…