Na de race om de pixels (4K, daarna 8K) en de race om de diodes (OLED, Mini LED, QLED…) bestrijden fabrikanten elkaar nu met intelligentie. Vandaag toont een televisie niet meer gewoon beelden, hij analyseert ze, pluist ze uit en past ze in realtime aan dankzij artificiëleintelligentie. Maar wat verandert dat concreet voor jou wanneer je de afstandsbediening in je handen neemt?

In tegenstelling tot ‘conversationele’ AI schrijft de AI van een televisie niets en verzint het geen inhoud. Hier dient het vooral om te verbeteren wat er op het scherm binnenkomt! Maar wat betekent dat concreet?
De echte superkracht: upscaling
Dat is veruit de meest overtuigende toepassing! Onze 4K-tv’s zijn erg nauwkeurig, maar een groot deel van de content die we bekijken is dat veel minder. Kabeltelevisie, replay, oude videocatalogi, gecomprimeerde streams, onlinevideo’s… Zonder goede beeldverwerking werkt een groot scherm eerder als een vergrootglas voor fouten! AI gedraagt zich hier als een kunstrestaurateur. In plaats van het beeld gewoon uit te rekken, herkent de technologie vormen en weet bijvoorbeeld wat een haar, een rimpel of een grasspriet is. Dat verandert een oude serie niet miraculeus in een beeld van cinemakwaliteit, maar het kan het wel een stuk aangenamer maken om te zien.
Een beeld dat zich beter aanpast
Een ander voordeel is de automatische afstelling. Sommige modellen herkennen het soort scène of programma en passen de weergave aan. Bij sport geven ze voorrang aan de ‘leesbaarheid’ van bewegingen. Bij films proberen ze een natuurlijker beeld te behouden. Andere modellen houden ook rekening met het omgevingslicht om overdag een te flets beeld of ’s avonds een te agressief beeld te vermijden. Ook hier hangt alles af van de kwaliteit van het model en van de ingeschakelde instellingen: het is geen toverstokje, maar wel een comfort waar sommige mensen gevoelig voor zullen zijn…
Geluid: vooral nuttig voor dialogen
Dat is de grote paradox van moderne televisies: de schermen worden almaar mooier, maar het geluid stelt vaak teleur omdat toestellen te dun zijn om echt goede luidsprekers in te bouwen. Daar spelen de zogenoemde ‘AI’-verwerkingen een echt praktische rol. Sommige modi analyseren de soundtrack om stemmen beter uit te laten komen, het volume consistenter te houden of dialogen, muziek en effecten beter in evenwicht te brengen. Maar zie het ook niet als een wondermiddel: een goede soundbar zal het altijd beter doen!
De valkuil van het ‘soap opera-effect’
Niet alles is perfect, want soms wil AI het té goed doen. Doordat het algoritme het beeld te vloeiend of te scherp wil maken, kan het bioscoopfilms een vreemde, bijna ‘fake’ uitstraling geven, wat men het ‘soap opera-effect’ noemt. Het beeld wordt zo glad dat het zijn artistieke korrel verliest. Gelukkig laten de meeste fabrikanten vandaag toe om die hulpmiddelen te doseren of zelfs uit te schakelen, voor de puristen.
En qua prijs, moet je meer betalen?
Niet noodzakelijk veel meer. Maar de technologie is natuurlijk niet gratis! Op het moment van schrijven vind je al degelijke 4K ’AI’-tv’s van 43 inch voor prijzen rond de 400 tot 450 euro. Wat de prijs bepaalt, is eerder de schermtechnologie (OLED, Mini LED, Micro LED… ?) dan de aanwezigheid van AI op zich.
Onmisbaar? Natuurlijk niet. Comfortabel? Dat waarschijnlijk wel.
Een goede televisie blijft in de eerste plaats een kwestie van beeldkwaliteit, contrast, helderheid en videobron. Slimme beeld- en geluidsverwerking is intussen wel een stevige dosis extra comfort geworden. Het werkt een deel van de gebreken van onvolmaakte ‘content’ weg en bespaart je heel wat manuele instellingen. Kortom: AI is niet het hart van de voorstelling, maar wel een erg goede kracht achter de schermen.