Als eigenaar van een appartement moet je meebetalen in de gemeenschappelijke kosten van het gebouw. Je kan die deels terugvragen van je huurder. In het Vlaamse gewest bestaan er voortaan duidelijke regels over wat je daarbij precies mag doorrekenen.
Als je een appartement verhuurt dat in het Vlaamse gewest gelegen is en het huurcontract werd gesloten sinds 1 januari 2019, dan bestaat er een wettelijke lijst die aangeeft welke gemeenschappelijke kosten je mag doorrekenen aan je huurder. Met welke regels moet je daarbij rekening houden?
Syndicus
De taken die de syndicus op zich neemt komen deels ten goede aan de huurder en deels aan de verhuurder. Vandaar dat de wet nu voorziet in een opsplitsing. Meer bepaald kan je 34 % van de kosten van de syndicus doorrekenen aan je huurder. 66 % dien je integendeel zelf te betalen. De kosten van algemene vergaderingen zijn dan weer volledig voor de verhuurder. Het periodiek onderhoud van de lift kan je voor 50 % doorrekenen aan je huurder.
Water, electriciteit en poetsvrouw
De kosten van het verbruik van water en elektriciteit voor de gemene delen kan je volledig doorrekenen aan je huurder. Hetzelfde geldt voor wat betreft de kosten van het poetsen van de gemene delen (bv. de trappenhal) en de kosten van de vuilnisinzameling als die collectief georganiseerd wordt.
Herstellingen
De kosten van kleine herstellingen aan de gemene delen (bv. het vervangen van lampen, …) kan je eveneens volledig terugvragen van je huurder. Als er grote herstellingen moeten gebeuren dan zijn die te jouwen laste.
Jan Roodhooft, advocaat (www.ra-advocaten.be)