In de loop van de huurovereenkomst doe je als verhuurder bepaalde werken aan het pand dat je verhuurt. In dat geval is het belangrijk niet te vergeten een addendum aan de oorspronkelijke plaatsbeschrijving op te maken. Hoe ga je daarbij te werk?
Stel dat je in de loop van de huurovereenkomst een nieuwe keuken of badkamer plaatst in de woning die je verhuurt of dat je nieuwe vloerbekleding legt of nieuwe ramen plaatst. In dat geval is de toestand van de woning gewijzigd tegen deze bij het begin van de huur.
Addendum maken
Je maakt dan ook maar beter een addendum op aan de plaatsbeschrijving die je bij het begin van de huur opmaakte. Doe je dat niet en veroorzaakt de huurder later schade aan de werken die je liet uitvoeren, dan riskeer je niet te kunnen bewijzen dat de huurder deze schade veroorzaakte. Maak je zo’n addendum op dan is het belangrijk dat meteen ook te laten registreren.
Je huurder weigert
Zowel in Wallonië als in Vlaanderen zegt de huurwetgeving overigens dat als in de gehuurde plaatsen belangrijke wijzigingen zijn aangebracht nadat de plaatsbeschrijving is opgemaakt, elke partij kan eisen dat op tegenspraak en voor gemeenschappelijke rekening een bijvoegsel bij de plaatsbeschrijving wordt opgemaakt.
Is je huurder niet akkoord om een addendum op te maken, dan kan je naar de vrederechter stappen. Die kan een deskundige aanduiden die het bijvoegsel bij de plaatsbeschrijving opmaakt.
Jan Roodhooft, advocaat (www.ra-advocaten.be)